Schuldig aan schulden?!

Als kind had ik daar eindeloze discussies over met mijn vriendinnen. Wie z’n schuld iets was. Er was een probleem ontstaan en dat probleem had een reden. Of eigenlijk had het probleem een veroorzaker. En niemand kon verder met z’n leven als we niet eerst even duidelijk hadden wie die veroorzaker was. De schuldige.

Nu is dat nog zo. Van kibbelende pubers tot aan grote politieke leiders of wat dichter bij huis, bij scheidingen: somebody has to go down. Koppen die rollen. Net als geld. Dat moet ook rollen.

Toch?

Maar soms rolt geld niet zo makkelijk meer. Al helemaal niet als je geen geld meer hebt. Dan rol je zelf van het ene in het andere, want je realiseert je dat alles wat geld kost gewoon doorgaat. Huur, verzekering, boodschappen….

Schuld

Schuldig zijn aan het hebben van schulden is in de perceptie van veel mensen een gegeven. Je zal het er wel naar gemaakt hebben. Of je had beter op moeten letten. En mijn persoonlijke favoriet: ‘dat zou mij nooit overkomen.’

Tijd voor wat keiharde cijfers. Het aantal mensen met schulden neemt namelijk toe. In 2013 waren dit er nog 89.000 en in 2014 is dat gegroeid naar 92.000. Ook het gemiddelde bedrag wat men aan schulden heeft neemt toe: vorig jaar bedroeg dit € 38.500 terwijl het in 2013 nog € 37.700 was.

Deze 92.000 mensen mogen allemaal schuldhulpverlening aanvragen bij de gemeente, die op haar beurt uitsluitingscriteria heeft opgesteld waardoor veel mensen uiteindelijk niet de hulp krijgen die ze zo hard nodig hebben. Mensen die bijvoorbeeld geen inkomen hebben, zijn uitgesloten.

HUH?!

Ja, echt. Net als mensen die ingeschreven zijn bij de KvK én mensen die nog in een niet afgeronde scheiding zitten. Waar maken de meeste koppels ook alweer ruzie over? Juist, centen. Doekoe. Flappen.

Daarbij leiden veel scheidingen uiteindelijk tot geldproblemen, dus waarom wachten tot de scheiding officieel rond is terwijl je nu al zou kunnen beginnen met het in gang zetten van schuldhulpverlening?

Tijd is geld

Dat is het eerste pijnpunt: het bestrijden van symptomen duurt te lang. Het duurt seconden om een schuldige aan te wijzen, maar het duurt maanden om te beginnen er iets aan te doen. Tijd is geld, helemaal in het geval van schulden.

Het tweede punt is preventie. Dat gebeurt namelijk te weinig. Op de website van diverse gemeenten zocht ik naar hun pagina over schuldhulpverlening. De meeste gemeenten hebben daar zelfs een kopje ‘Schulden voorkomen’ want ‘voorkomen is beter dan genezen’ en vervolgens kan je kiezen voor ‘tips’. De ironie is zo mooi dat het bijna pijn doet. Want de tips komen natuurlijk te laat voor iemand die zoekt op ‘hulp bij schulden.’

“If you do what you always did, you get what you always got.”

Het is tijd voor andere aanvliegroutes. Het aantal mensen met schulden steeg namelijk niet alleen in 2014, maar het stijgt al jaren. Zoals je van een maatschappelijke dienstverlening organisatie mag verwachten, zijn de mensen van Leef al bezig geweest met een duurzame oplossing voor dit steeds groter wordende probleem. In overleg met gemeente Stichtse Vecht starten zij na de zomer een project wat zich richt op preventie i.p.v. het bestrijden van symptomen. Lees hier wat Leef daarover zegt:

“De gemeente Stichtse Vecht heeft al langer de wens om ‘problematische schulden’ en ‘terugval na afloop van een schuldregeling’ te voorkomen in samenwerking met vrijwilligers. Dat is geen nieuwe aanpak. Echter, deze werkwijze wordt vaak gehanteerd zonder een gezamenlijke inzet en verantwoordelijk met de lokale schuldhulpverlening en/of sociale zaken. Tevens wordt er nauwelijks gebruik gemaakt van ‘nieuwe’ lokale krachtbronnen zoals zelfstandig ondernemers. Daar waar ‘reguliere’ organisaties denken in ‘procedures’, zijn ondernemers bezig met oplossingen. Vaak heel praktisch en met gezond verstand! Ook bezitten zij een schat aan kennis en informatie op het gebied van financiën (soms ook door schade en schande), die zij willen delen. Soms voor een ‘zacht prijsje’ en/of omdat ze iets willen doen voor hun mede plaatsgenoten. Samen met hulp vanuit het eigen netwerk ontstaat op deze wijze een ‘natuurlijk steun-systeem’ om iemand heen. Technische (schuld)hulpverlening komt, maar gaat ook weer. Vaak zonder dat er gewerkt is aan de oorzaak van het probleem. Tot slot vragen wij iets terug, namelijk om een tijdje vrijwilliger te worden in het project. Waarom? Omdat het ‘normaal’ is om een bijdrage te leveren aan de samenleving en iets te doen voor je medemens!”

Lees meer op www.leefmd.nl

Deel dit bericht via: